Het algemene artikel is eerder verschenen in de Bouw+Uitvoering nummer 6, 2015. Voor de tekst klik hier.
Voor het artikel op de site van Bouw+Uitvoering klik hier.

Energieverbruik en comfortniveau van het pand van de Hogeschool Rotterdam, locatie Museumpark, waren verouderd. Wetgeving en structuur van het pand stonden een simpele oplossing in de weg. Een dosis ervaring en creativiteit bracht uitkomst.

Verlagen energie, verhogen comfort

Het pand van de Hogeschool, in een voormalig kantoor van Unilever uit de jaren dertig, is weer klaar voor de toekomst. Automatisering van de klimaatinstallatie bleek een uitkomst. Geen sinecure, want het pand is een Rijksmonument en vroeg een voorzichtige behandeling. Verhogen van comfort en energiebesparing. Dat was de opgave die projectmanager van de Hogeschool Rotterdam, Rob Thijssen, voor de kiezen kreeg. De wijze van samenwerken, maar vooral de creativiteit en ervaring van de samenwerkende partijen, op het gebied van technische oplossingen, is volgens de betrokkenen de sleutel tot succes geweest. Niet alleen is ingezet op een flinke reductie op de energiekosten, en passant kreeg de monumentale waarde van het pand een injectie. Met name de vervanging van de klimaatinstallatie moet bezuiniging opleveren. De oorspronkelijke installatie blies de gangen van het pand vol met warme lucht, die vervolgens de afzonderlijke ruimtes en lokalen instroomde. In het nieuwe systeem heeft elke ruimte zijn eigen warmte- en koelsysteem, waarna via de gangen de lucht wordt afgezogen. Daardoor is een specifiekere, effectievere en zuinigere omgang met warmte-energie bereikt. De nieuwe regeltechniek kan gekoppeld worden aan software, waardoor een wereld opengaat aan mogelijke energiebesparing. Zo gaat softwarebeheerder Regel Partners haar zogenoemde ‘Meteomodule’ in de Hogeschool gebruiken. Aan de hand van weersvoorspellingen wordt de verwarming en koeling van de lokalen eerder of later aan- of uitgezet. Uit testen blijkt dat hierdoor een besparing van zeven procent kan worden bereikt.

Ontdekkend oplossen

Het is een eufemisme dat ambities op het niveau van duurzaamheid, automatisering en monumentale waarden in een gebouw niet altijd gelijk op kunnen gaan. Dit was echter wel de ambitie van de Hogeschool. De speciale situatie deed hen besluiten om de aanbesteding iets anders op te zetten dan normaal. De essentie van de uitdaging was een technische oplossing voor de juiste toepassing van luchtbehandeling en comfortverbetering in een monument. Daarom is vanaf het begin de adviseur techniek, DWA, leidend gemaakt in het proces. Vanuit bepaalde uitgangspunten in het DO werd feitelijk tijdens het bouwproces, ontdekkend onderzocht naar de mogelijkheden, oplossingen, die het pand kon bieden. Dat proces is uiteindelijk twee jaar lang vlekkeloos verlopen. Na de keuze voor Wessel de Jong – architect ervaren in renovatie – en Sonneveld als constructeur, kon begonnen worden met realisatie van de wens van de Hogeschool: een gigantische aanvoer- en afzuiginstallatie van de kelder naar het dak. Rob Thijssen, van de Hogeschool Rotterdam, is achteraf content over de opzet van de organisatie. “Het mooie van een DO met elkaar tijdens het proces tot uitvoering brengen, is dat we voor de opgaven als de luchtbehandelingsinstallatie en volumeboxen uiteindelijk stapsgewijs tot de beste en mooiste oplossingen zijn gekomen. Klok : “Het was een grote puzzel, waarbij we een kracht hebben gemaakt van alles wat we niet konden en wat we juist wél konden.

Renovatie monument vereist creativeit

Vanwege de historische waarde van het pand mocht de luchtbehandelingsinstallatie niet op het dak worden geplaatst. Op voorhand dus een ingewikkelde klus. Maar bij renovatie van monumenten geldt de regel: van de nood een deugd maken. De kast met de volledige luchtbehandelingsinstallatie werd uiteindelijk in de kelder geplaatst. Daarvoor moest de machine volledig uit elkaar worden gehaald en in segmenten van twee bij twee meter naar binnen worden gedragen. Het uiteindelijke buizensysteem loopt van de kelder tot de bovenste verdieping. Thijssen: “We hebben mansgrote gaten in de vloeren van alle verdiepingen moeten maken. Je kan in het dak in de luchtbehandeling springen en je komt in de kelder uit. Men bouwde in het verleden, 1932, erg hoge verdiepingen. We hadden eventueel  een extra plafonds kunnen aanbrengen met daarin het  buizenstelsel, maar dat had afbreuk gedaan aan het karakteristieke van het monument.”  Projectleider van DWA, Theo Klok, vult aan: “De stelregel was: óf je moet het niet zien, óf het moet er goed uitzien. De stalen kanalen voor de luchttoevoer zijn geïsoleerd, ook vanwege koeling. Daaromheen zijn schalen aangebracht waarin je je spiegelbeeld kunt zien. Dat ziet er gewoon strak uit.” De regeltechniek die in de lokalen is geplaatst zijn geautomatiseerde volumeregelboxen. De boxen meten de temperatuur, maar ook het co2-niveau en gaan op basis daarvan dicht of open, zodat er altijd voldoende, maar nooit te veel zuurstof in de lokalen is.

Monument in ere hersteld

Een extra uitdaging tijdens het proces was dat het gebouw een Rijksmonument is en dat er dus sprake was van aanvullende wet- en regelgeving. Het gebouw is eerder, toen het nog geen monument was, twee keer onder handen genomen. Daarbij is een belangrijk deel van het interieur gesneuveld. Daarom is steeds gekeken naar mogelijkheden om eventueel oude onderdelen van het gebouw in ere te herstellen. Zo zijn de tegeltjes achter de radiatoren, die sinds jaar en dag waren overgeschilderd, teruggebracht naar de oude staat. De radiatoren zelf zijn vervangen, maar wel voor ledenradiatoren anno 1932. In de jaren zeventig werd een oorspronkelijke stalen gevel vervangen voor een metalen gevel, die destijds werd vastgekit met asbest. “We wilden deze vervangen om te voldoen aan de vereiste comfortklasse. Daarover hebben we een ellenlange discussie met welstand gehad. De nieuwe gevel moest volgens hen recht doen aan het pand uit 1932. Maar in die oorspronkelijke gevel had elk compartiment twaalf kleine raampjes. Leg dat maar eens aan de glazenwasser uit”, aldus Thijssen. Na goed overleg werd overgegaan tot het aanbrengen van zes raampjes per compartiment.

Het gebouw is in vier fasen gerenoveerd, omdat het gebouw als school in gebruik bleef en omdat er sprake was van asbestsanering. Het gebouw werd opgedeeld in vier delen. Na fase 1 waren alle kinderziektes bekend en konden de andere drie delen makkelijk en snel worden aangepakt. Niet alleen in de technische kant van de organisatie, maar ook wat betreft de planmatige kant van het project, werd dus van de nood een deugd gemaakt.

BETROKKEN PARTIJEN

Opdrachtgever System Integrator Adviesbureau
Hogeschool Rotterdam
Museumpark 40
3015 CX Rotterdam
T. 010 794 0000
E. externebetrekkingen@hr.nl
W. www.hogeschoolrotterdam.nl/
Regel Partners
De Wel 7
3871 MT Hoevelaken
T. 033 254 48 48
E. info@regelpartners.nl
W. www.regelpartners.nl
DWA
http://www.dwa.nl/
2411 NT Bodegraven
T. 088 163 5300
E. dwa@dwa.nl
W. www.dwa.nl